Skip to content
marjolein-risseeuw

Verschillende generaties op de werkvloer

‘De juiste mix maakt je bedrijf succesvoller’

Een schoolverlater van de generatie Z en een medewerker van de babyboomgeneratie ontmoeten elkaar op de werkvloer. Dit lijkt het begin van een slechte grap. Dat zou het kunnen worden als je als leidinggevende niet inspeelt op de specifieke kenmerken van de verschillende generaties. Wat zijn die kenmerken? En hoe maak je van die mix een team dat goed samenwerkt? ‘Laat je hiërarchische ik thuis.’

Tekst: Monique Ooms
Fotografie: Diederik van der Laan

De generaties
Babyboom 1945 – 1960
Generatie X 1961 – 1975
Generatie Y 1976 – 1990
Generatie Z 1991 – 2005

Vijftigers met kinderen in de pubertijd herkennen het misschien wel: je begrijpt iets niet direct, en je puber maakt je direct uit voor ‘boomer’, kort voor ‘babyboomer’. Oftewel: jij bent oud. Generatieverschillen spelen niet alleen in de thuissituatie, ook op de werkvloer zijn verschillen in leeftijd van invloed op hoe collega’s samenwerken en hoe teams moeten worden aangestuurd. Marjolein Risseeuw is generatiestrateeg, en geeft overal in het land presentaties over dit onderwerp aan bedrijven en instellingen. Risseeuw is van oorsprong bedrijfskundige, werkte onder andere als partner bij Twynstra Gudde en verdiept zich al zo’n twintig jaar in het thema leiderschap. “Ik ben altijd al geïnteresseerd geweest in de verschillen tussen generaties, de kracht die in elke generatie verscholen zit en het leiderschap dat nodig is om de verschillende generaties succesvol met elkaar te laten samenwerken.” Zij schreef hierover onder andere het boek “Zo X! Hoe de nieuwe leiders talenten in organisaties verbinden’.

Verbinding
De verschillen tussen generaties worden bepaald door een mix van factoren. “De vormende jaren liggen tussen de 12 en 25 jaar. In die periode word je onder andere beïnvloed door mode, muziek en cultuur, maar ook door historische hoogte- en dieptepunten. Voor mijn generatie, de generatie X, is dat bijvoorbeeld de val van de Berlijnse muur en het overlijden van prinses Diana. Voor de generatie Y is dat 9-11, de aanval op de Twin Towers. Met leeftijdsgenoten deel je gemeenschappelijke ervaringen, zo keek je naar dezelfde tv-programma’s en maakte in grote lijnen dezelfde dingen mee. Dat geeft verbinding.”
De verschillen tussen babyboomers en iemand van de generatie Y of Z kunnen behoorlijk groot zijn. En dat is te merken op de werkvloer. “Voor een babyboomer staat werk heel centraal, hij is bovendien erg gericht op inhoud en professionele ontwikkeling. Generatie Z ziet werk als een onderdeel van zijn totale leven. Hij is meer gericht op zijn persoonlijke groei en ontwikkeling en werk is daar een onderdeel van. Oudere generaties ervaren een geslaagd project als een gezamenlijk succes, jongeren willen worden beloond voor hun persoonlijke bijdrage. De X Generatie is de uitvinder van het deeltijdwerken, maar voor generatie Z is dat geen issue; werk en leven lopen immers door elkaar heen. Zij willen werken, maar niet fulltime, want er moet ook tijd zijn om te gamen, festivals te bezoeken, te reizen. Een babyboomer denkt na over zijn pensioen en heeft dat allemaal goed geregeld. Generatie Z is daar totaal niet mee bezig, zij zijn meer bezig met wat nu belangrijk is in hun leven.”

Op de werkvloer kunnen de generaties botsen. “Babyboomers en generatie X hebben een ander tempo dan Y en Z. Kom bij de jongere generaties niet aan met langjarige projecten, dat trekt hun spanningsboog niet. Drie maanden is lang zat. Jongeren denken ook dat alles wat vandaag via de mail binnenkomt, vandaag nog af moet. Wat ook anders is: jongere generaties willen dagelijks contact met hun leidinggevende om feedback te krijgen: zit ik nog op de goede weg en hoe zal ik dit aanpakken? De oudere generaties zitten meer op de lijn van: ga het eerst maar even zelf proberen en als je hulp nodig hebt, hoor ik het wel. En denkt daarmee vertrouwen te geven. Voor jongeren voelt dat juist alsof ze in de steek worden gelaten.” Oudere generaties zijn op de werkvloer vaak zakelijk in het contact. “Y en Z zijn juist op zoek naar empathie, ze willen zich gehoord en begrepen voelen. Ze zijn vooral gebaat bij positieve feedback. Vertel ze hoe ze van een 8 een 10 kunnen maken, en je hebt hun aandacht.” Babyboomers en X’ers zijn opgegroeid met hiërarchieverschillen en respect voor autoriteit. “Jongeren willen gelijkwaardig behandeld worden. Waardoor oudere collega’s soms denken: ‘Even niet zo bijdehand, jij komt net kijken.’ Dat wil wel eens botsen.” Waar babyboomers en X’ers zijn gefocust op de inhoud, zijn Y en Z bezig met hoe ze overkomen. “Dat heeft alles te maken met social media, waar veel jongeren zichzelf presenteren. Ze zijn zichzelf continu aan het positioneren ten opzichte van anderen. Ze staan dan ook altijd ‘aan’.” Bellen is typisch iets voor oudere generaties, jongeren sturen liever een appje.

Kracht benutten
Verschillen zijn er dus volop. Hoe ga je daar nou mee om op de werkvloer? “Als leidinggevende moet je de verschillende generaties vooral uitdagen op waar zij goed in zijn. Leg niet de focus op de verschillen, maar omarm ze juist. Maak gebruik van ieders kracht. Jongeren zijn goed met innovaties, ICT en technologie, leg die taken bij hen neer en niet bij de babyboomers en Z’ers. Moet er een onderzoek gedaan worden? Daar deden wij vroeger weken over. Jongeren hebben dat zo gefikst. Zij weten de verschillende kennisbronnen snel te vinden, checken even een tutorial en zijn handig met de nieuwste tools. Laat de oudere generaties juist op de inhoud zitten, daar ligt hun kracht. Daarbij brengen zij waardevolle (levens)ervaring mee. Overigens werken jonge generaties juist daarom graag samen met oudere generaties.” Jongeren werken liefst in wisselende projectteams, voor de benodigde dynamiek. “Verder is belangrijk dat jongeren van hun leidinggevende steun ervaren in lastige situaties, een luisterend oor ervaren, waar nodig aan de hand worden genomen en duidelijke kaders krijgen aangereikt. Als je ze weet te inspireren, waardering geeft en ze gelijkwaardig behandelt, gaan ze voor je rennen. Ze kunnen hard werken en zijn heel snel. Heel waardevol voor je team.” Jongeren hebben, mede door hun korte spanningsboog, weinig geduld met situaties waarin ze zich niet goed voelen. “Als ze het niet leuk vinden, zeggen ze heel makkelijk af. Dan ben je ze kwijt.”

Hoewel verschillende generaties niet automatisch heel soepel met elkaar samenwerken omdat ze anders in het werk en in het leven staan, zijn bedrijven het meest gebaat bij gemixte teams waarin verschillende generaties vertegenwoordigd zijn. “Daarmee breng je het beste van alle werelden bij elkaar. Als je maximaal gebruik weet te maken van alle competenties binnen het team en de verschillende generaties van elkaar laat leren, zul je zien dat je veel succesvoller bent.
Over wat je vooral niet moet doen, zegt Risseeuw: “De autoritaire benadering werkt niet bij de jongere generaties. Dus laat je hiërarchische ik maar thuis. Respecteer elkaars lifestyle binnen het team en richt je vooral op wat je verbindt. Dat brengt je meer. En het hele team profiteert ervan.”

[foto] Marjolein Risseeuw: ‘Omarm de generatieverschillen, dat kan je veel brengen.’

Back To Top