skip to Main Content

Ik ben oké, jij bent oké (Het Financieel Dagblad)

Vier generaties binnen één organisatie is geen uitzondering meer. Dat stelt nieuwe eisen aan het leiderschap.

Werknemers zijn tegenwoordig een stuk jonger als ze zich voor het eerst op de arbeidsmarkt begeven dan pakweg tien jaar geleden. Dat komt met name doordat de meeste studenten in de afgelopen jaren maar vier jaar studiefinanciering hebben gekregen. Tegelijkertijd moeten oudere werknemers door de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd langer doorwerken. Voor het eerst in de geschiedenis zijn maar liefst vier generaties werkzaam binnen organisaties. Vier generaties met geheel eigen wensen en opvattingen over werk.

Generatieverschillen sollicitatiegesprek
Bij een grote Nederlandse multinational wordt Francien (26 jaar, generatie Y) uitgenodigd uit achthonderd sollicitatiebrieven voor een traineeship. Ze gaat op gesprek en wil kijken of zij het een leuk bedrijf vindt om voor te werken.

Wouter (44 jaar, generatie X) voert namens de multinational het sollicitatiegesprek. Hij begrijpt niet waarom Francien niet haar uiterste best doet om haar curriculum vitae zo goed mogelijk toe te lichten. Het gesprek gaat moeizaam en pas na anderhalf uur is Wouter tevreden. Francien wordt aangenomen.
Samen blikken Wouter en Francien terug op het gesprek. Wouter heeft zich niet gerealiseerd dat Francien zelf wil kiezen of zij deze functie interessant genoeg vindt en of de baan past in haar (privé)leven. Francien vond het gesprek erg lang duren en begrijpt niet dat zij haar cv zo uitgebreid moest toelichten.
Francien en Wouter blijken verschillende eisen te stellen aan een sollicitatiegesprek.

Het verschil in verwachtingspatronen van de verschillende generaties vraagt om nieuw leiderschap voor teams. Een organisatie heeft ‘verbinders’ nodig, die vier generaties van talenten kunnen steunen en hen kunnen uitdagen tot betere bedrijfsresultaten.
De jongste twee generaties verlangen naar een inspirerende organisatiecultuur en hechten sterk aan gelijkwaardigheid. Dit zijn de eerste generaties voor wie flexibele werktijden en flexibele contracten vanzelfsprekend zijn. Zij willen geen functiebeschrijvingen en dienstroosters, maar afspraken over de resultaten – targets – die behaald moeten worden.

Verbinden van vier generaties
Mirjam (47, generatie X) is de nieuwe eindverantwoordelijke bij een adviesbureau met 25 medewerkers. Hoe verbindt zij vier generaties?
Ciska (generatie babyboom) wil niet mee op het teamweekend, want dat heeft ze in haar carrière nog nooit in haar privétijd hoeven doen. Ciska en Mirjam praten een uur met elkaar. Mirjam kan met argumenten die een beroep doen op Ciska haar ervaring en verantwoordelijkheid haar over de streep trekken om mee te gaan.

Willem (generatie Einstein) wil ontzorgd worden, Hij maakt zich heel druk, is toegewijd en werkt wel tachtig uur in de week. Mirjam biedt Willem heldere kaders (een training projectmatig werken en informatie over de symptomen van burn-out) en zij stelt Willem vooral gerust. Hij doet het goed genoeg. Zij heeft elke week een gesprek met Willem om hem zijn benodigde persoonlijke aandacht te geven.
Met Erik (generatie X) krijgt Mirjam in eerste instantie moeizaam contact. Hij had haar baan willen hebben en voelt de hiërarchie. Als Erik in paniek in zijn vakantie Mirjam belt, omdat zijn vrouw en de kinderen hem hebben verlaten, springt Mirjam hier onmiddellijk op in, en praat met hem. Zij reflecteert wekelijks met Erik en biedt hem voorlopig extra ruimte in zijn agenda om zijn kinderen wat 
vaker te kunnen zien.
Maarten (generatie Y) doet zijn werk graag zelfstandig en op zijn moment. Hij levert goed werk maar heeft weinig inzicht hoe hij op anderen overkomt. Mirjam legt veel verantwoordelijkheid bij Maarten en betrekt hem in de groep: hij organiseert het managementoverleg, zorgt voor korte vergaderingen en maakt actielijstjes in plaats van notulen. Maarten wordt op deze manier ‘gezien’ in de groep en hij kan de planning naar zijn hand zetten.
Aan het einde van Mirjam haar eerste honderd dagen, nodigt zij alle collega’s uit voor een vrijdagmiddagborrel. In een boot van een van de collega’s smeert zij de toastjes en iedereen ontmoet elkaar op informele wijze.

Verbindende leiders zijn in staat om teams van diverse generaties te faciliteren bij het ontwikkelen van hun talenten. Talentontwikkeling moet daarom overal binnen een organisatie plaatsvinden. Het liefst met teams waar drie of vier generaties vertegenwoordigd zijn. Dus niet in aparte trajecten voor mannen of vrouwen of alleen voor de managers. De teamleden worden zich zo bewust van elkaars rijke kennis, ervaring en zienswijzen en kunnen elkaar inspireren tot verandering en ontwikkeling.
Met deze collectieve vorm van talentontwikkeling, waarbij generaties naar elkaar luisteren, begrip opbrengen voor elkaars manier van werken en waarbij zij onderlinge irritaties herkennen en bespreken, wordt talentmanagement effectief. De diversiteit van generaties wordt optimaal gebruikt, waardoor de bedrijfsresultaten verbeteren. De verbindende leiders laten teams samen slimmer leren, zorgen voor meer rendement op de gezamenlijke activiteiten en dragen bij aan een lager ziekteverzuim.

Als vooral de jonge werknemers door deze manier van talentontwikkeling worden geënthousiasmeerd, zullen zij langer binnen organisaties blijven. In deze complexe doch uitdagende vorm van samenwerken en samen leren zullen zij hun baan langer leuk blijven vinden.

Generaties
Generatie Einstein:
Geboren tussen 
1990 en 2005
Willen maximale vrijheid en zijn bereid 24 uur per dag 
te werken.
Ze zijn creatief en sociaal maar ook onzeker.
Hebben kaders en richting nodig.

Generatie Y:
Geboren tussen 1975 en 1990
Zijn op zoek naar plezier en dynamiek.
Willen afgerekend worden op resultaat.
Het draait vooral om zelfontplooiing.
Hebben zelfvertrouwen, maar minder inzicht in hoe ze op anderen overkomen.

Generatie X:
Geboren tussen 1960 en 1975
Zijn klaar voor het grote werk.
Houden van zekerheid en kunnen omgaan met teleurstellingen.
Ze zijn bescheiden en zoeken naar werk dat in balans is met hun privéleven.

Babyboomers:
Geboren tussen 
1945 en 1960
Hebben moeite overdragen van verantwoordelijkheden.
Ze hechten aan hiërarchie en structuur.
Hebben veel kennis, die ze graag willen delen met jongere generaties.

Back To Top